De dag waarop mijn zoon huilend met een natte broek thuiskwam, wist ik gelijk dat de volgende dag niet mooi zou worden.
Het was donderdagmiddag toen mijn zoon van zes thuiskwam met rode ogen.
Ik hoorde de schoolbus en ging naar buiten om de deur open te maken. Ik zag de dame van de schoolbus ook uitstappen, dus ik wist dat er iets aan de hand was.
“Goedemiddag, wat is er met hem?” vroeg ik.
“Ik weet het niet precies,” zei ze, “maar de kinderen in de bus plaagden hem en noemden hem Plasje Jantje omdat hij in zijn broek had geplast. Ik heb ze gewaarschuwd en hem voorin bij mij laten zitten, maar hij wilde niet vertellen wat er gebeurd is.”

“Is goed, dank u wel. Ik ga hem vragen,” zei ik.
Toen we binnen waren, vroeg ik hem wat er was gebeurd. Hij begon weer te huilen en vertelde dat de leerkracht weigerde hem te laten gaan plassen. Het was niet de eerste keer dat dit gebeurde, maar de andere keren kon hij het inhouden.
Jemaro is een heel rustige jongen.
Hij doet zijn best en ik heb nooit klachten gehad over hem.
Ik ben geen persoon die van problemen houdt, dus ik leerde mijn kind zich gewoon aan de regels van de juf te houden.
Maar dat mijn kind in zijn broek plaste en daardoor geplaagd werd, was onacceptabel.
Ik was boos, maar besloot onderzoek te doen.
Later in de middag ging ik met hem naar Kaylee, een meisje van de straat dat samen met hem in de klas zat. Ik legde haar ouders uit wat er aan de hand was en wilde weten of mijn zoon de waarheid vertelde.
“Jemaro wilde plassen, maar juffrouw Stacy had gezegd dat ze na de pauze niemand meer zou laten gaan plassen,” vertelde Kaylee.
Ik had genoeg gehoord. Ik belde mijn zusje gelijk. Ik was boos en wilde gewoon mijn ei kwijt.
“Wat! Is het dezelfde leerkracht waarover je me altijd vertelt? A tigri dis’ no sab’ pe a go kras’, eng ggo. Maak je niet druk. Morgen breng ik Jemaro zelf naar school.”
Het was niet de eerste keer dat juf Stacy dit soort dingen uithaalde. Als je als ouder bij haar was, hoorde je al hoe ze tegen de kinderen schreeuwde. Laat staan als er niemand bij was. De ouders die elkaar onderling kenden, klaagden vaak over haar, en ik bad alleen dat ze niets met mijn kind zou doen.
Ik had Jemaro altijd gezegd om in de pauze te plassen, zodat hij haar niet hoefde te vragen. Maar dit… dit ging te ver.
Toch, zo zachtaardig als ik ben, was mijn boosheid met de uren geweken. Toen mijn zusje de volgende ochtend voor de deur stond, besloot ik mee te gaan. Want mijn zusje is een echte head no good en ik wilde geen problemen.
We waren nauwelijks tien minuten op het schoolterrein of juf Stacy kwam wiegend met haar heupen aanlopen. Fa a moi so, je zou niet denken dat ze zo slecht was.
Mijn zusje sprong gelijk uit de auto. “Mandy, wacht…” wilde ik zeggen. Maar voordat ik iets kon zeggen, stond ze al bij juf Stacy.
“U bent juf Stacy? Ik wil iets met u bespreken over mijn neefje Jemaro,” zei Mandy.
“Mevrouw, goedemorgen. Geen wonder dat uw neefje ook niet weet hoe het hoort.”

Voordat ik met mijn ogen kon knipperen, stond Mandy helemaal voor de juf. En ik kende mijn zusje.
“Wat zegt u? Bent u ziek of zo? Mijn neefje is zes jaar!” gilde Mandy.
“Mi Gado, Mandy, stop!” riep ik. “Er zijn kinderen hier. We zijn hiervoor gekomen.”
Binnen enkele ogenblikken stonden de leerlingen in een kring. Sommigen lachten, anderen leken bang. Het schoolhoofd kwam aanlopen. Op dat moment riep Mandy: “Liever leert u uw personeel hoe om te gaan met mensen en hun kinderen hier. U ziet toch dat dit niet klopt?”
Het schoolhoofd bleef kalm en zei: “Mevrouw, dit is een schoolterrein. Dit is niet de manier om problemen op te lossen. Er zijn regels. Laten we dit rustig op kantoor bespreken.”
We gingen samen met het schoolhoofd, juf Stacy, Mandy en Jemaro naar het kantoor. Ze had een luisterend oor en zei dat dit niet de wijze is waarop met leerlingen omgegaan mag worden en sprak juf Stacy streng aan. Ze vroeg ons voortaan problemen eerst met de juf te bespreken en als dat niet hielp, ons te melden bij haar.

We hebben de zaak toen uitgesproken. Juf Stacy bood haar verontschuldigingen aan Jemaro en ik. Ook Mandy bood excuses aan hoewel ik weet dat ze het niet meende. Voor de rest van het schooljaar heeft Jemaro geen problemen meer gehad met juf Stacy. Ik hoop dat dit ook het geval was bij de andere leerlingen.
Moraal van het verhaal:
Soms heb je iemand nodig die voor je opkomt als je dat zelf niet kunt. Maar onthoud: geweld is niet altijd de oplossing. Soms kunnen zaken gewoon besproken worden om tot een oplossing te komen.
—EINDE—

